Dag­besteding Archipel krijgt dankzij coronac­risis een nieuwe vorm

Geplaatst op 16 februari 2021

“Zorg en Dagbesteding zijn door de crisis meer één geworden.”

Ooit was dagbesteding bij Archipel vooral aanbodgericht: er werd heel veel georganiseerd en daar kon de cliënt dan een keuze uit maken. Een aantal jaren geleden kwam daar een aanpak voor in de plaats waarbij iedere cliënt een individueel en op maat gemaakt arrangement met eigen activiteiten kreeg. Archipel aarzelde niet om daarbij ook buiten de locaties te kijken. Andersom werden er binnen de locaties activiteiten op touw gezet waar mensen van buiten aan deel konden nemen. Tot dit voorjaar. Toen de deuren op slot gingen voor bezoek, gingen de mensen van Dagbesteding naar de afdelingen om die te ondersteunen, en kreeg dagbesteding een nieuwe vorm. Manager dagbesteding Riet Odekerken en Alexandra Schattenfor, Begeleider dagbesteding op Archipel-locatie Akkers, vertellen hoe dat eruit ziet.

Een arrangement op basis van eigen keuzes Riet: “In 2012-2013 hebben we als Archipel de omslag gemaakt naar het uitgangspunt ‘cliënt in regie’. Je bent een individu met een eigen leven en persoonlijkheid en interesses, en daarbij horen dus ook individuele arrangementen voor de dagbesteding. Het is heel erg maatwerk. Waar je woont, maakt niet uit, je indicatie ook niet. Wij vinden het belangrijk iedereen een arrangement te bieden op basis van eigen keuzes. Normaal werken we veel met clubs waarin gelijkgestemden bij elkaar komen voor een activiteit, binnen en buiten onze locaties. We kijken altijd waar de mogelijkheden liggen. Als een cliënt een speciale interesse heeft en wij hebben daarvoor nog geen activiteit, dan gaan we die organiseren. En stel dat je vijf mensen hebt die een voorkeur hebben voor één activiteit en elkaar ook nog eens goed liggen, dan bekijken we of er mogelijkheden zijn om een nieuwe clubactiviteit op te zetten.”

Dagbesteding van waarde op de afdelingen

Het ‘standaard’ concept voor de dagbesteding, kwam door de komst van het covid-19-virus onder druk te staan. De huizen gingen op slot, ook de afdelingen sloten hun deuren, in- en uitloop op de locaties was onmogelijk. Clubs en andere activiteiten konden geen doorgang meer vinden. Bovendien was er op de afdelingen extra hulp nodig.

Alexandra: “Dat was heel heftig. Iedereen van Dagbesteding is toen eigenlijk naar de afdelingen gegaan. Maar daar hebben we veel van geleerd. Wat we onder andere zagen, was dat sommige bewoners die bij een club zaten door alles wat daar gebeurde overprikkeld raakten. Toen de huizen op slot gingen, werden ze veel rustiger. Ze bleven op de afdeling, kregen minder prikkels, kwamen tot rust en zaten beter in hun vel.

We zagen ook dat we als Dagbesteding óp de afdelingen veel extra’s kunnen bieden. We hebben allemaal bepaalde expertises; ik speel gitaar en zing, dat is een goede ingang bij veel mensen. Dan kun je ze individueel tegemoet treden, een-op-een oude liedjes zingen of bewegen op muziek. Een andere collega is weer heel goed met theater. Als een bewoner liever op de afdeling blijft, maar wel behoefte heeft aan een activiteit, kunnen wij onze expertise inbrengen. Wij geven de bewoners dan óp de afdeling een zinvolle dagbesteding.

Eerst waren we als Dagbesteding bijna een eilandje, dat hoor je misschien wel vaker; je hebt de zorg en je hebt Dagbesteding. Het kan zijn dat de zorgcollega’s ook niet zo’n goed beeld hadden van hoe wij precies
werken. Door de crisis zijn we meer één geworden. We hebben op sommige gebieden misschien wel een andere kijk, maar juist daardoor kunnen we van elkaar leren. Maar er zijn ook heel mooie voorbeelden van samenwerking. In september hebben we bij Akkers bijvoorbeeld een groot Gala gehad, gefinancierd door de Philips Foundation. Samen met de afdelingen hadden we eerst een ‘verwendag’ geregeld. Kapsters hebben op de afdelingen alle bewoners gekapt, de ondersteuners en begeleiders hebben ze opgemaakt en de nagels verzorgd – alles volgens de RIVM-richtlijnen natuurlijk. Tijdens het Gala ontvingen de mensen van Dagbesteding de bewoners in de zaal, we hadden voor een entertainer gezorgd en we hebben het eten geserveerd. Zoiets wordt dan van alle kanten gedragen. Je ziet dus een hele mooie samenwerking tot stand komen en ontdekt dat je met elkaar hele leuke projecten op kunt zetten.”

Lees verder onder de foto’s

Riet: “Vóór de coronacrisis werd er natuurlijk ook samengewerkt en was er overleg over cliënten. Maar de crisis heeft daar meer verbinding in gebracht. De woonbegeleiders kijken naar de bewoners op de afdeling, hoe het gaat, hun welzijn, en of ze daar wat aan toe kunnen voegen. Als je dan de verbinding weet te maken met Dagbesteding, met hún expertise, kun je nét iets meer betekenen voor de bewoners die liever op de afdeling blijven.”

Naast clubs ook vrije inloopactiviteiten

Riet: “We zagen dus, dat je mensen die rust willen, ook rust moet gunnen. Maar de andere kant is er ook, namelijk dat de clubs gemist worden. Bewoners willen soms gewoon het huis en de woonsetting uit en anderen ontmoeten. De clubs zijn dus nodig. Maar soms is een clubactiviteit te lang en verplichtend qua dag en tijdstip. Dan is het goed als er iets is waar je
naartoe kunt, waar het goed en gezellig is, en waar je weer vertrekt als je er genoeg van hebt. Dus zijn we nu aan het ontdekken hoe je ‘inloopactiviteiten’ kunt organiseren.”

Alexandra: “Dat kan een muzikale ochtend zijn met een accordeonist en een pianist, waarbij de mensen samen kunnen zingen. Of een activiteit waarbij van alles naast elkaar gebeurt: een hoekje waarin mensen de krant lezen, een hoek waarin geschilderd wordt, een plek waar je een geheugenspelletje kunt doen. Dat zijn we nu aan het ontwikkelen. Het is fijn als mensen binnen kunnen lopen, al is het maar tien minuten, en weer wegkunnen als ze het niet langer volhouden. Met goed gemotiveerde
medewerkers kun je best een clubactiviteit van anderhalf uur volmaken. Maar dat doe je dan wel voor een club van gelijkgestemden. De inloop is voor iedereen, voornamelijk voor de mensen voor wie de clubactiviteiten te intensief zijn.”

Riet: “We hebben met ons concept destijds gezegd: we gaan uit van hoe het is als je je eigen leven leidt. In een verpleeghuis is de huiskamer je woonsetting waar je met andere ‘gezinsleden’ verblijft en met elkaar van alles doet. Maar als je thuis woont, heb je ook je eigen individuele interesses waar je iets mee wilt doen – alleen of met gelijkgestemden. Daarvoor hebben we de clubs. Destijds hebben we een duidelijke knip gemaakt: woonbegeleiding op de afdeling organiseert alles binnen ‘het gezin’. Dagbesteding is verantwoordelijk voor de clubs en alles wat buiten de afdeling plaatsvindt. Die knip is niet verdwenen, ieder heeft zijn eigen taken, maar medewerkers van Dagbesteding zijn nu vaste contactpersonen voor de afdelingen, en worden ook in tijd gefaciliteerd om mee te werken en mee te denken over wat bewoners op een afdeling nodig hebben.
De coronatijd heeft ons gedwongen te kijken naar een goede verhouding tussen wonen en welzijn op de afdeling en daarnaast clubs en inloopactiviteiten. In wezen doen we niet veel anders dan voorheen,
maar de focus gaat wel meer naar Dagbesteding in de woonsetting en vrije inloopactiviteiten.”

Meer in de wijken en buurten

Riet: “Vanuit het bestaande dagbestedingsconcept kwamen ook mensen van buiten naar onze locaties. Voor de clubs en ook voor andere activiteiten, zoals die vaak in een wijkgebouw of een clubhuis georganiseerd worden – optredens, een theatervoorstelling of een modeshow. Zulke activiteiten in groter verband hadden we ook.
Bewoners van onze locaties en buurtbewoners liepen dus door elkaar heen, maar door de coronaregels kon dat niet meer of veel minder. Ook voor de
buurtbewoners hebben we daarom een versnelde stap genomen naar dagbesteding in de wijk. Zij hoeven dus minder naar de zorglocaties toe te komen. Sinds een paar weken zijn we met een aantal groepen gestart, in een wijkcentrum, alles door elkaar heen. Dan ga je als Dagbesteding meer richting coördinatie, cultureel werk, het verbinden van wijkorganisaties en
vrijwilligers uit de wijken, en krijg je dus ook een veel breder takenpakket. Dit sluit goed aan op Archipels strategische visie om nadrukkelijk meer te gaan doen in de wijken en buurten. Corona geeft daar een versnelling aan. En dat Dagbesteding daar dan de kartrekker van kan zijn, daar ben ik wel trots op.”

Lees verder onder de foto

Trots

Riet: “Ik vind dat we bij Archipel een heel mooi concept hebben; eigenlijk kan alles, tot we na onderzoek moeten zeggen dat het niet kan. Ik zie dat mensen daar blij van worden. Dat concept, zó individueel-op-maat, daar ben ik ook trots op. En het raakt mij, als ik zie wat de mensen op de vloer voor ideeën hebben en wat ze voor activiteiten aanbieden. Dat komt zo dicht bij de mensen en hun hobby’s. Zo’n verandering, dat we naar de afdelingen gaan, vind ik alleen maar positief. We hoeven daarvoor
eigenlijk niet echt iets bij te stellen: we doen dat binnen ons concept. Ja, het gaat allemaal wat sneller, door corona ingegeven. Daarom ben ik óók
trots op het team, hoe flexibel dat is. We hebben al zoveel dingen aangepast de afgelopen jaren.
Er wordt veel gevraagd van hun veerkracht. Half juli waren we echt weer gestart, op de afdelingen en in de wijk – daar zaten we binnen de twee maanden dat we bezig waren al vol, omdat ook mensen uit de buurt binnen kwamen lopen. En dan moet je weer terug; meer besmettingen, nieuwe maatregelen. Dat vinden mensen moeilijk, dat vraagt veel van een team.
Voor buitenstaanders is het logisch dat deze situatie voor de zorg zwaar is, en dat is het ook. Maar ook voor een ondersteunende dienst als Dagbesteding, een afdeling die juist een dag mooi kan maken, is het niet eenvoudig is. Er is nu wel meer aandacht voor welzijn dan in de vorige periode, toen alles dicht moest. Gelukkig hebben we daarvan geleerd.”

HOE COVID-19 OOK POSITIEF KAN UITPAKKEN …

Sinds Dagbesteding ook op de afdelingen actief is, vormt de voorgeschiedenis van de bewoners nóg meer het uitgangspunt voor een begeleidingsplan. Eén van de bewoners bleek altijd in een naaiatelier gewerkt te hebben en had alle kleding voor haar kinderen en familie gemaakt.

Zelf weer achter de naaimachine
Met een naaimachine toog een van de collega’s van Dagbesteding – die net naailessen had genomen – naar de bewoonster. Alleen al bij het zien van de machine kwamen de herinneringen. Sterker nog, na de vraag om wat tips, ging mevrouw zelf aan de slag. En dat leverde zelfs weer voelzakjes op, die gebruikt kunnen worden voor belevingsgerichte activiteiten.

Samen werken aan een wandkleed
Ieder voor zich maar toch samen kun je ook werken aan een wandkleed. Niet iedere bewoner heeft dezelfde vaardigheden. De één kan goed weven, de ander beter knippen of knopen vastzetten. Misschien blijft het bij een bolletje wol draaien of vogeltjes tekenen. Maar als iedereen een bijdrage levert, kun je samen toch iets moois creëren. In de cohort-tijd van Archipel-locatie Akkers maakten verschillende bewoners in een aantal huiskamers stoffen bloemen. Daarna werd alles bij elkaar gebracht tot een prachtig wandkleed dat nu in het creatief atelier hangt.

Nieuwe vriendschappen
Themagesprekken kun je ook voeren in een huiskamer op een afdeling. Dan kan het gebeuren dat tot ieders verrassing een bewoner aansluit die eigenlijk nooit haar kamer verlaat. Na afloop komt ze bedankjes te kort, omdat ze het zo fijn heeft gehad. Ze doet steeds vaker mee en als de afdeling uit cohort komt, is ze ook van de partij bij culturele activiteiten. Ze krijgt contact met een andere bewoonster die zich vaak te goed voelt om bij haar medebewoners te zitten. Maar samen kunnen ze het prima vinden, en als bewoners van dezelfde afdeling zien ze elkaar nu als buurvrouw.

Zicht op vernieuwing

Bovenstaande verhaal en de verhalen uit andere deelnemende verpleeghuizen in de beweging Radicale vernieuwing verpleeghuiszorg zijn te lezen in de overzichtspublicatie Zicht op vernieuwing 4, hier gratis door te bladeren en te downloaden.

Download artikel als PDF

Praat mee!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deelnemende organisaties

Platform deelnemers

Alle deelnemers

Nieuwsbrief