Het Zor­ginnovatiecentrum Gouda

Geplaatst op 2 april 2020

 Een kijkje in de keuken bij…
het Zorginnovatiecentrum (ZIC) in Gouda

“Veel gediplomeerden blijven werkzaam in de ouderenzorg”

In de serie ‘Een kijkje in de keuken bij…’ interviewen we voorlopers die bezig zijn met het vernieuwen van het zorg- en welzijnsonderwijs. Het doel van de serie? Van elkaar leren! In deze aflevering: Anne Moerman en Marjolein van Wijk (Hogeschool Utrecht) en Esther van Dijk (Zorgpartners Midden-Holland) vertellen meer over het Zorginnovatiecentrum in Gouda.

In 2016 richtten Zorgpartners Midden-Holland en de Hogeschool Utrecht samen het Zorginnovatiecentrum (ZIC) op, verdeeld over twee locaties: De Hanepraij en De Prinsenhof. In het ZIC lopen voltijds vierdejaars hbo-v stage, doen zij praktijkonderzoek en leveren zij een bijdrage aan zorginnovatie. In de Hanepraij krijgt het ZIC vorm op een somatische afdeling, in De Prinsenhof op een psychogeriatrische afdeling, gericht op vooral jonge mensen met dementie. Anne en Marjolein zijn bij het ZIC betrokken als ‘lecturer practitioner’. Dit is een docent verpleegkunde, die zowel werkt op de hogeschool als in het ZIC. Esther van Dijk was een paar jaar terug zelf nog student binnen het ZIC en werkt nu als verpleegkundige op De Hanepraij, waar ze tevens werkbegeleider is van stagiaires binnen het ZIC.

Wie nam het initiatief tot oprichting van het ZIC en waarom?

Marjolein van Wijk

Marjolein: “Het plan kwam van Zorgpartners. Zij hadden zich verdiept in andere zorginnovatiecentra in het zuiden van het land en besloten toen: dit willen wij ook. Ze zochten een samenwerkingspartner en zijn in gesprek gegaan met drie hogescholen: Hogeschool Leiden, Hogeschool Ede en Hogeschool Utrecht. Bij de Hogeschool Utrecht hebben we de uitdaging opgepakt. Na een voorbereidingsperiode zijn we in 2016 concreet van start gegaan met vier studenten op De Hanepraij en vier op De Prinsenhof. Dat was heel vernieuwend, want er was in Nederland nog weinig ervaring opgedaan met Zorginnovatiecentra in de ouderenzorg.”
Anne: “Met het ZIC wil Zorgpartners graag hbo-v’ers in huis halen en een positieve bijdrage leveren aan de beeldvorming onder hbo-v-studenten over werken in de ouderenzorg. Verder vinden we het belangrijk om het leren meer in de praktijk te laten gebeuren, dus op de werkvloer. En we willen de zorgkwaliteit verbeteren, door een innoverende dienstverlening te bevorderen en in te zetten op persoonsgerichte zorg.”

Kiezen studenten bewust voor een stage in het ZIC?

Anne: “De meeste wel. Soms hebben ze bijvoorbeeld al een minor gedaan over de ouderenzorg. Maar het komt ook wel voor dat studenten met weerstand aan deze stage beginnen, omdat het niet hun eerste keus was. Ze mogen allemaal hun stagevoorkeur opgeven, maar die kan niet altijd gehonoreerd worden. Dat weten ze ook van tevoren. Met Zorgpartners hebben we de afspraak dat we per stageperiode acht studenten leveren –zo’n zestien per jaar. Dat doen we dus ook. In de praktijk zie je overigens meestal dat de meeste studenten snel bijdraaien en dat de weerstand wegsmelt. In het ZIC wordt de zorgverlening gecombineerd met onderzoek en innovatie. Studenten raken hierdoor geïnspireerd en voelen zich uitgedaagd.”
Esther: “Zelf heb ik destijds bewust gekozen voor het ZIC op De Hanepraij, ook al wist ik niet echt wat ik er kon verwachten. Maar achteraf gezien was het mijn leukste stage. Je bent in deze stage een stuk meer bezig met het innoveren van de zorg en het implementeren van verbetertrajecten – en ook met het omgaan met tegenslagen die zo’n implementatie met zich meebrengt. Je doet dus veel meer dan alleen de reguliere zorg.”

Zijn er nog meer scholen betrokken bij het ZIC? Bijvoorbeeld een ROC?

Marjolein: “We krijgen die vraag best vaak. Maar het doel van het ZIC is in de eerste plaats om hbo’ers op te leiden en te positioneren. Dus nee, er wordt nog niet samengewerkt met mbo-scholen.”
Anne: “Ik denk wel dat het een meerwaarde zou kunnen hebben om ook mbo-studenten in het ZIC op te leiden, omdat mbo en hbo elkaar dan mooi kunnen aanvullen. Tegelijkertijd denk ik dat het praktisch moeilijk te realiseren is om alle niveaus goed te bedienen.”
Marjolein: “Je moet vooraf goed bedenken op welke momenten studenten van verschillende niveaus – of van verschillende opleidingen – wát samen doen. En ook, wanneer het beter is om de groepen gescheiden te houden. Dat lijkt me een voorwaarde om hiervan een succes te maken.”

Het ZIC is er vooral voor voltijdsstudenten, toch?

Marjolein: “Dat klopt. Al hadden we de afgelopen periode ook een heel gedreven deeltijdstudent, een zijinstromer met een achtergrond in de marketing. Zij was drie dagen per week in De Hanepraij.”
Esther: “Meestal is het zo dat studenten 32 uur per week stagelopen. Drie dagen draaien ze mee in de zorg en een dag is gereserveerd voor bijvoorbeeld het voorbereiden van projecten, praktijkgericht onderzoek, netwerken binnen de organisatie en werken aan de opdrachten voor de stage. De vrijdag is altijd de lesdag. De lessen, waaronder workshops, worden gegeven op een van de locaties van het ZIC en gaan bijvoorbeeld over klinisch redeneren of ethiek. Of experts komen iets vertellen. Medewerkers kunnen bij die workshops aansluiten. En ook stagiaires van andere afdelingen.”

Tijdens de workshops op vrijdag doen studenten vaak creatieve en interactieve opdrachten. Bij deze opdracht in 2017 was de vraag om de gewenste teamcultuur uit te beelden. Dit moodboard was een van de resultaten.

Doen medewerkers en stagiaires dat ook?

Marjolein: “Ja, al was het vooral in het begin wel lastig om medewerkers ‘los te weken’ uit hun dagelijkse routines. Maar nu zie je dat medewerkers en studenten het in de workshops samen over de inhoud hebben en samen reflecteren op en werken aan het verbeteren en vernieuwen van de zorg. Dat is erg mooi. Tegelijkertijd zijn medewerkers nog altijd minder aanwezig bij de workshops dan we hoopten, omdat ze geen ruimte ervaren om weg te gaan op de afdeling. Dit is nog wel een verbeterpunt.”

Is de rol van docenten heel anders in het ZIC?

Anne: “We zijn meer dan alleen stagedocenten; we coachen de studenten bijvoorbeeld bij praktijkonderzoek en verbetertrajecten. Daarnaast houden we ons ook bezig met thema’s als innovatie, verpleegkundig leiderschap, moreel bewustzijn, analyses doen, aannames uitstellen en dergelijke.”

Hoe reageert het personeel op de komst van de studenten?

Marjolein: “Meestal positief. Je merkt dat medewerkers de ervaring hebben dat ze worden ‘opgeschud’ door de vragen van studenten. Soms roepen die weerstand op, omdat stilstaan bij bekende patronen leidt tot vertraging. Maar de frisse blik wordt ook wel gewaardeerd en motiveert medewerkers om zelf ook te blijven leren.”
Anne: “Natuurlijk merk je soms wel dat het medewerkers moeite kost om ieder half jaar weer een nieuwe studentengroep in te werken. De werkdruk op het ZIC is heel hoog, vanwege de intensieve patiëntenzorg en ook door continue druk op de bezetting. Daarom is het belangrijk dat wij ervoor waken dat studenten wel echt kunnen leren en niet meteen volledig in de zorg worden ingezet.”

Hoe reageren bewoners op de studenten?

Esther: “Positief. Hoewel bewoners het soms lastig vinden dat ze elk half jaar weer nieuwe gezichten zien, zie je toch ook dat ze met iedere nieuwe studentengroep weer een band opbouwen.”
Marjolein: “Omdat de studenten boventallig zijn, kunnen ze extra aandacht geven. Ook dat is natuurlijk een pluspunt voor bewoners.”

Studenten werken aan hun eigen leerdoelen, toch?

Esther: “Ja, dat klopt. En dat gaat ook goed. We hebben het hier over vierdejaarsstudenten. Die hebben al aardig wat ervaring met het stellen van eigen leerdoelen. Aan het begin van de dag geven ze aan aan welk doel ze willen werken en op het eind van de dag blikken ze terug.”

Esther van Dijk

Studenten doen ook onderzoek. Worden de resultaten hiervan gebruikt in de praktijk?

Esther: “Soms wel, ja. Zo heeft een groep studenten de BEM-score, waarbij BEM staat voor Beoordeling Eigen beheer van Medicatie, geïmplementeerd in De Hanepraij. Alle bewoners hebben nu een score op een schaal van 1-5, waarbij een 1 betekent dat een bewoner zelf verantwoordelijk is voor de inname van medicijnen en een 5 dat de zorgmedewerker de medicatie doet en er ook op toeziet dat deze wordt ingenomen. De BEM-score zorgt dus dat er aandacht is voor veilige en verantwoorde medicatie-inname.”
Marjolein: “Op de Prinsenhof is door studenten een pijnobservatieformulier opnieuw geïntroduceerd. Hiermee kan het personeel de mate van pijn observeren bij mensen die zelf niet meer kunnen aangeven hoeveel pijn ze hebben. Om te bevorderen dat dergelijke vernieuwingen goed geïmplementeerd en vooral geborgd worden, zijn er aandachtsvelders per etage benoemd, die het gebruik van dit soort tools steeds opnieuw stimuleren.”

Is er al eens een evaluatie geweest? Worden de drie doelstellingen van het ZIC behaald?

Anne Moerman

Anne: “Er waren drie doelen. De eerste was dat Zorgpartners graag hbo-v’ers in huis wilde halen en een positieve bijdrage wilde leveren aan het imago van werken in de ouderenzorg. We hebben nog geen harde cijfers. We weten dus niet in hoeverre de beeldvorming over de ouderenzorg positief is veranderd. Maar we zien in elk geval al wel dat studenten die hun stage in het ZIC liepen vaak werkzaam blijven in de ouderenzorg.
Het tweede doel was: leren meer in de praktijk laten plaatsvinden. Ook dat is behaald binnen het ZIC, want er wordt inderdaad meer samengewerkt en –geleerd door studenten en medewerkers.
Het derde doel was: de zorgkwaliteit verbeteren door duurzame verbeterprojecten te initiëren en uit te voeren. Dat is tot op zekere hoogte behaald. Zowel op patiënt- als organisatieniveau blijken kleine verbeterprojecten succesvol te zijn en bij te dragen aan de kwaliteit van zorg.”

Zijn er specifieke functies voor hbo-verpleegkundigen?

Esther: “Die waren er niet, maar recent zijn ze in het functiehuis opgenomen. Toch kiezen niet alle afgestudeerden voor een baan hier. Dat is vooral een kwestie van reistijd; de meesten zoeken een werkkring in Utrecht. Maar enkelen kozen wel voor een baan op De Hanepraij of De Prinsenhof.”

Kennen jullie Radicale Vernieuwing Waarde-vol Onderwijs® (RVWO)? Zien jullie overeenkomsten of samenwerkingsmogelijkheden?

Marjolein: “De manier waarop er binnen de Radicale Vernieuwingsbeweging actieonderzoek wordt gedaan, sluit aan bij de manier waarop we zelf verbetertrajecten opzetten. Wat wel anders is, is dat wij de nadruk leggen op de zorgprofessionals en studenten, terwijl de insteek van RVWO breder is.”
Anne: “Het lijkt me wel een leuk en interessant project om eens met onze studenten te bespreken. En misschien kunnen we met de uitvoerders van RVWO bekijken wat de mogelijkheden zijn om tot uitwisseling te komen.”

Interview & tekst: Mieke Hollander (Zorg4Effect), Femke van den Berg (Bureau Bisontekst). Foto moodboard: Hogeschool Utrecht.

Download artikel als PDF

Praat mee!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deelnemende organisaties

Platform deelnemers

Alle deelnemers

Nieuwsbrief

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.