Dieper inzoomen op thema’s tijdens heidag

Op vrijdag 11 oktober van 9.00-16.15 uur kwamen de interne projectleiders Radicale Vernieuwing Waarde-vol Onderwijs® (RVWO) en de leden van de werkgroepen mbo en hbo bij elkaar voor een ‘heidag’ in Leiderdorp. Waar spraken zij over en wat leverde dit op? Marjolein Lohmann en Joost de Jonge vertellen.

De heidag was vooral bedoeld om met elkaar uitgebreider en diepgravender stil te staan bij een aantal thema’s, zoals werkplekleren, interprofessioneel werken en leren, de leerplaatsprofielen en werkbegeleiding. “We gingen van start met een presentatie over het gedachtegoed en de pijlers van RVWO. Deze werd verzorgd door Mieke Hollander en Aart Eliens”, vertelt Joost de Jonge, docent verpleegkunde bij mboRijnland. “Daarna kregen we een presentatie van Marrit de Jong en Jeroen Luhoff, twee enthousiaste studieloopbaanbegeleiders van het Friesland College, koploper wat betreft het praktijkgestuurde onderwijs. Zij hebben een toelichting gegeven op hoe ze in het Noorden de praktijkleerroute vorm hebben gegeven in het mbo”, vertelt Marjolein, programmamanager bij LOI Hogeschool. “Dat was heel interessant, gaf ons veel inzicht en lokte ook weer de nodige vragen uit bij de toehoorders.” Joost: “Vervolgens hebben we in vier groepen, van steeds ongeveer vijf of zes deelnemers, een aantal mindmaps gemaakt over de thema’s van de heidag. Daarna hebben alle groepjes hun opbrengsten met elkaar gedeeld.”

Aanvullende perspectieven

 Marjolein vond deze aanpak heel verhelderend. “Het mooie was, dat de verschillende groepen andere accenten hadden gelegd in de mindmaps. Een voorbeeld: bij het thema werkbegeleiding was een vraag hoe je zorgt voor goede begeleiding in een krappe arbeidsmarkt. In mijn groepje zochten we de oplossing vooral in meer regie vanuit de student. We bedachten bijvoorbeeld dat het belangrijk is dat studenten leren om zelf bij werkbegeleiders aan te geven wat voor ondersteuning zij willen krijgen en dat zij hulp leren vragen aan diverse andere medewerkers. In een andere groepje was de vraag echter meer benaderd vanuit de werkbegeleider zelf. Dat was heel waardevol; de diverse perspectieven vulden elkaar mooi aan.”

Handen en voeten

Marjolein stelt, terugkijkend, dat de heidag veel input heeft geleverd om verder mee aan de slag te gaan tijdens de reguliere vergaderingen van de werkgroepen. “Het was heel fijn dat we een keer lang de tijd hadden om met de diverse betrokkenen door te praten: praktijkopleiders en interne projectleiders RVWO van de zorgorganisaties én docenten en onderwijsontwikkelaars van LOI Hogeschool en mboRijnland. We weten nu beter van elkaar hoe we handen en voeten willen geven aan de thema’s die zijn besproken tijdens de heidag. De neuzen staan nog meer dezelfde kant op.”
Ook Joost heeft een positief gevoel overgehouden aan de heidag. “Ik ben dit schooljaar pas gestart als studieloopbaanbegeleider van een groep RVWO-studenten (zie kader). Natuurlijk had ik al wel regelmatig contact gehad met mensen uit de praktijk, maar nu heb ik ook gezichten bij de namen.”

 

Borgen

Marjolein is inmiddels ruim een jaar betrokken bij RVWO. Er is in die tijd al het nodige bereikt, vindt ze. “RVWO stáát inmiddels”, is haar opvatting, “wat niet wil zeggen dat alles al perfect loopt, want dat is zeker niet zo. Maar met een zelfkritische houding en door te blijven investeren in goede contacten moet het lukken om het onderwijs verder vorm te geven, conform de pijlers van RVWO. Dat is een continu proces, dat nooit ophoudt. Daarnaast is een uitdaging om RVWO structureel in te bedden in de zorg- en onderwijsorganisaties, zodat dit onderwijs ook in de toekomst duurzaam beschikbaar blijft. Daar gaan we de komende periode hard aan werken.”

NIEUW BINNEN RVWO
Joost is dit schooljaar begonnen als docent verpleegkunde bij mboRijnland en meteen ook als studieloopbaanbegeleider van een groep RVWO-studenten. Wat was zijn eerste indruk van RVWO? En hoe bevalt het om deze studenten les te geven?

“Toen ik met mijn nieuwe baan begon, kende ik RVWO nog niet. Maar tijdens mijn sollicitatiegesprek werd er al iets over gezegd. Direct werd ik enthousiast. Vooral het idee om het welzijn van cliënten meer op de kaart te zetten, sprak me meteen aan. Als je een cliënt beter leert kennen, kun je immers ook beter warme zorg geven.
Toen ik eenmaal met mijn baan gestart was, dacht ik aanvankelijk: ik draai gewoon mijn RVWO-lesjes en de werkbegeleiders doen hun ding in de praktijk. Al gauw kreeg ik echter in de gaten dat de kracht van dit concept juist is dat onderwijs en praktijk intensief samenwerken. Wekelijks bel ik met de praktijkopleiders om terug te geven wat er in de lessen aan bod is geweest. En zij vertellen mij wat er op de werkvloer gebeurt. Dat heeft een grote meerwaarde; onderwijs en praktijk raken hierdoor veel beter op elkaar afgestemd. En als iets niet goed loopt, los je het samen ook zo weer op.
Het is erg leuk om aan de gemotiveerde groep RVWO-studenten les te geven. Al zijn er natuurlijk ook uitdagingen. Eén van de dingen die nieuw voor me is, is het interprofessioneel leren en werken, dat wil zeggen dat studenten van verschillende niveaus, leeftijden en opleidingen bij elkaar in de groep zitten. Studenten vinden dat zelf heel waardevol, zo gaven ze toevallig vandaag nog aan. Van mij vraagt het dat ik goed differentieer naar niveaus, dat ik de bagage meegeef die nodig is om goede beroepsbeoefenaren te worden én dat ik studenten de ruimte geef om van en met elkaar te leren.”

Tekst: Femke van den Berg (Bureau Bisontekst)


Geplaatst op: 30 oktober 2019
Laatst gewijzigd op: 30 oktober 2019