De studentreis van Bas

In de rubriek ‘studentreis’ blikken studenten Radicale Vernieuwing Waarde-vol Onderwijs® (RVWO) terug op de voorliggende maand. Wat is hen vooral bijgebleven? In deze aflevering: Bas van Winssen (39), student verpleegkunde (niveau 6).

“Ik werkte jarenlang in de sales, maar kreeg steeds sterker het gevoel dat ik vanuit mijn functie weinig bijdroeg aan het leven van anderen. Daarom stapte ik over naar de zorg. In mei 2019 begon ik aan de praktijk-leerroute RVWO. Sinds begin juni werk ik bij Topaz Overrhyn op de afdeling Kaas- en Garenmarkt, waar mensen wonen met dementie. Dat bevalt me goed. Ik heb het idee dat ik nu wél echt het verschil kan maken voor mensen. Dat zit vaak in kleine dingen. Bijvoorbeeld, dat je iemand gerust kunt stellen. Het mooie van de verpleeghuiszorg is, dat je een tijdje intensief met bewoners optrekt. Je leert ze daardoor echt goed kennen.
Het contact met mijn collega’s is ook goed: we hebben een stabiele groep van zorgmedewerkers en gastvrouwen en zijn altijd bereid om dingen voor elkaar te doen. Bovendien kan ik veel leren van mijn ervaren collega’s.

Bakje vla

De indrukwekkendste gebeurtenis van de afgelopen maand was het overlijden van een bewoner – een dame van in de 90 – met wie ik een goede band had. Hoewel ze zeker niet altijd makkelijk was. Ze had een sterk karakter, was erg aanwezig en kon heel boos worden, ook op mij. Soms is het best lastig dat je ondanks je goede bedoelingen toch die kwaadheid over je heen krijgt. Maar ik begrijp wel dat dit veroorzaakt wordt door frustratie en onbegrip, als gevolg van het ziektebeeld. Gelukkig heb ik veel geduld. Uiteindelijk kreeg ik deze mevrouw meestal wel weer rustig. Als dat lukte en ze bijvoorbeeld helemaal gelukkig een bakje vla zat te eten, deed me dat altijd erg goed.

Uitgeleide

Helaas ging ze snel achteruit en in september stierf ze. Toen heb ik voor het eerst een uitgeleide gedaan. Dit betekent, dat je een persoonlijk praatje houdt voor de overledene. Meestal doet de teamleider dit, maar omdat deze mevrouw om 22.00 uur ’s avonds werd opgehaald door de begrafenisondernemer, was er geen teamleider meer aanwezig. Toen heb ik gevraagd of ik het op me mocht nemen. Het was heel mooi om een persoonlijk woordje te mogen spreken over deze bijzondere dame en – samen met collega’s – officieel afscheid te nemen.

Geen oplossing

Wat ik niet goed besefte toen ik in de verpleeghuiszorg ging werken, was dat mensen pas bij ons komen wonen als ze behoorlijk ziek zijn. Ik had aanvankelijk het beeld dat ik een traditioneel ‘bejaardenhuis’ zou komen, met redelijk fitte ouderen. Inmiddels weet ik dat we in Nederland met z’n allen de keuze hebben gemaakt dat senioren zo lang mogelijk in hun eigen woning blijven. Dat snap ik en is ook fijn voor de mensen zelf. Tegelijkertijd vind ik dat er soms wel erg lang gewacht wordt met de verhuizing naar een verpleeghuis. Mensen zijn er dikwijls zeer slecht aan toe als ze bij ons komen wonen. Daar moest ik echt aan wennen. Ook vond ik het aanvankelijk lastig dat er voor het lijden van deze mensen meestal geen echte oplossing is. Je kunt niet meer doen dan er voor hen zijn.

Comorbiditeit

Wat je ook vaak ziet, is dat bewoners verschillende aandoeningen hebben, zowel lichamelijk als psychisch. Gelukkig is daar in de opleiding veel aandacht voor. Laatst nog kwam een ervaringsdeskundige met een bipolaire stoornis vertellen over zijn leven. Dat heeft veel indruk gemaakt; zijn verhaal was erg leerzaam voor ons als studenten. Kennis van psychische aandoeningen kan je helpen om je werk goed te doen.”

Tekst: Femke van den Berg (Bureau Bisontekst)


Geplaatst op: 29 oktober 2019
Laatst gewijzigd op: 29 oktober 2019